Beste Vrienden van de Muziek
We hebben net de laatste generale repetitie achter de rug. De KEW-vlieg was nergens te bespeuren. Er is al een naam bedacht voor het beest: Henry. Niet ‘Le Boeuf’ maar ‘La Mouche à Merde’. Ik vermoed dat Henry het even gehad heeft met al die muziek. Vooral een overdosis plichtwerken lijkt me voor een vlieg onverteerbaar. We zullen het plichtwerk deze weken (repetities en concerten samengeteld) tussen de veertig en de vijftig keer gespeeld hebben. Dat is voor een modale orkestmusicus al een serieuze, mentale belasting, laat staan voor een (weliswaar melomane) str…vlieg. Ik hoop dat Henry nu voorgoed wegblijft van de KEW.
Er waren vanochtend ernstige problemen op het spoor tussen Leuven en Brussel, waardoor een aantal collega’s te laat kwamen op de repetitie. Heel veel BNO’ers komen met de trein naar het werk. Te laat komen op een repetitie, ook al is het maar een paar minuten (het is mij uiteraard ook al overkomen, meer dan me lief is), is een heel vervelende zaak, want je moet je dan als een hond door een kegelspel een weg banen naar je stoel (iets wat bijna niet mogelijk is zonder de repetitie te storen). Dat gaat vaak gepaard met de afkeurende blikken van collega’s of een half orkest dat "t-t-t-t-t-t" zegt. Als je helemaal pech hebt, legt de dirigent de repetitie stil en vraagt hij je en plein public naar de reden van je laattijdigheid. Sommige orkesten hebben een boetesysteem voor laatkomers, maar in het BNO bestaat dat niet. De ongeschreven wet is dat je in principe een half uur vóór de repetitie start aanwezig bent zodat je je rustig kunt voorbereiden: wat inspelen en indien nodig nog wat studeren. Een kwartier voor de repetitie begint, zit het podium meestal al helemaal vol en is die zo typische kakofonie van een inspelend orkest te horen. Stipt om 10.00 uur (tegenwoordig quasi op de seconde) geeft de eerste hobo de ‘la’ op uitnodiging van de concertmeester en worden de instrumenten gestemd. Tijdens de KEW wordt er één minuut vroeger gestemd, zodat het stemmen van het orkest niet ten koste gaat van de repetitie-minuten van de kandidaten.
We repeteerden deze ochtend met Andrew Byun, de eerste kandidaat voor zaterdagavond. Andrew speelt nog steeds met die kinesiotape op zijn linkerhand en -pols. Aan zijn formidabele cello-spel is er niets te horen in elk geval. Hij heeft de Dutilleux heel erg goed onder de knie. Echt knap!
Voor de geïnteresseerden: de catering vandaag was boeuf braisé met een pindasaus en saffraanrijst. Lekker !!
En dan de laatste finaliste, de Koreaanse Tae-Yeon Kim. Wat een heel bijzonder en begaafd meisje is dat! Haar Lutoslawski wordt misschien wel dé klap op de vuurpijl van deze KEW. Wat ze met dit stuk doet, is ongelooflijk indrukwekkend. Ze heeft op technisch vlak bakken overschot. En ze slaagt erin om aan al die vreemde atonale en dissonante zaken die Lutoslawski schrijft, telkens een ‘menselijke’ touch te geven: speels of boos of ontroerd of plagerig of agressief of nerveus of slaperig… Een ontzettend breed palet aan gevoelens, kleuren en sferen tovert ze uit haar cello! Ze speelt dit complexe concerto niet alleen uit het hoofd, ze kent ook alle 139 repetitie-nummers van buiten. Als de dirigent dus zei: “We start again at number 67”, dan wist ze onmiddellijk (zonder de partituur te raadplegen, want die had ze niet eens bij zich) waar te hernemen.
Antony Hermus beëindigde deze laatste repetitie met een uitgebreid dankwoord naar het orkest toe. Hij kreeg van de orkestmusici een warm applaus in retour. De Maestro heeft het super gedaan deze week en het orkest waardeert dat heel erg. En … de traktatie is geregeld!!! Morgenavond, tussen de laatste kandidaat en de proclamatie!
Gisterenavond was er tweemaal Shostakovich. Twee heel verschillende versies, allebei heel goed, maar - raar maar waar - helemaal anders geapprecieerd door het publiek. De Russische X-factor bij Dilshod, waar ik eerder over schreef, viel mij gisteren minder op. Zijn versie: misschien wat stuurser, wat hoekiger. En dan Alvaro… Die is zo ontwapenend charmant, zowel de persoon als de musicus! Hij pakt zonder probleem heel de zaal in. Irene, mijn Spaanse hobo-collega naast mij, viel net niet in katzwijm toen die knappe torero de arena betrad, met zijn haar genereus in de brillantine en zijn donkerblauw velours jasje. Op basis van de repetities zou ik durven stellen dat de vier Shostakovichen deze week in stijgende lijn gaan. Vanavond dus zeker kijken en luisteren naar Krzysztof Michalski!
Morgenochtend is er voor het eerst sinds lang geen repetitie. Echter, om 08.20 uur belt Lode Roels van ‘De Ochtend’ op Radio 1 me voor een live interview over de KEW. Gelukkig zul je op de radio niet kunnen zien dat ik nog in mijn bed lig!
Ik schrijf u, ofwel morgen voor de laatste finale-avond, ofwel zondag, dat weet ik nog niet. Maar nu eerst: all hands on deck voor Barber en Shostakovich!