Beste Vrienden van de Muziek
We hebben zonet de generale repetitie voor morgenavond (dinsdag dus) achter de rug. Die repetitie was ook de eerste en enige camerarepetitie. U staat er wellicht niet bij stil, maar een concert met een symfonieorkest capteren, is bijzonder complex. Alleen al met het in beeld brengen van de musici zijn er in de regiewagen vier mensen zoet. De regisseur heeft de partituur op voorhand bestudeerd en beslist welke musici of instrumenten hij wanneer in beeld wil brengen. Aan elk moment waarop hij van beeld wil wisselen, wordt een nummer en camerashot toegekend. Tijdens het optreden zorgt de regieassistent ervoor dat elke cameraman of -vrouw het juiste shot heeft, meldt de repetent (die volgt op de partituur) het juiste nummer én het cameranummer in de hoofdtelefoons van de cameramensen en zorgt de beeldmixer ervoor dat dat beeld op het juiste moment in de uitzending komt. Zeker in snelle passages is dat een super indrukwekkend teamwerk. (Stel je een basketbalteam in de aanval voor, maar dan een halfuur lang en zittend!). Het gaat ook allemaal live, er is dus niet de mogelijkheid om iets opnieuw te doen. (Dat geldt trouwens ook voor ons, musici). Gelukkig zijn de mensen van de VRT op dat vlak niet aan hun proefstuk toe en kunnen ze bogen op de jarenlange ervaring van de vorige edities. Maar toch, ik vind het telkens heel impressionant als ik de hele machinerie en het hele proces zie achter wat voor ons, thuis voor de buis, een evidente televisie-uitzending lijkt.
Bij Yo Kitamura, de Japanse kandidaat die dinsdagavond als eerste zal spelen, zagen we vanochtend op de repetitie twee verschillende gezichten. Hij had het duidelijk lastig met het plichtwerk en diende in extremis nog een aantal zaken uit te pluizen. In zijn Prokofiev daarentegen voelde hij zich dan weer als een vis in het water en speelde hij de pannen van het dak, bijna zoals Hans Vanaken de laatste weken Club Brugge naar de titel stuwde.
(Omdat ik merk dat het een aantal lezers bijzonder interesseert: de catering vanmiddag was een tajine van merguez, aubergine, chermoula en bulgur. Heel lekker maar alweer tamelijk spicy …)
Ivan Sendetsky kwam me heel ontspannen over. Wel nog wat zoekend in het plichtwerk, maar toen hij klaar was met zijn Shostakovich had hij nog vijftien minuten over. Hij bedankte het orkest en verkoos om nog een kwartier alleen op het podium enkele passages uit de cadensen van het plichtwerk en zijn keuzeconcerto door te spelen, zonder het orkest. Het is in mijn persoonlijke KEW-geschiedenis de eerste keer dat ik meemaak dat een kandidaat zijn repetitietijd met het orkest niet ten volle benut.
‘Waar is Wally?’-gewijs geef ik u nog een aantal zoekopdrachten mee voor straks, bij de wereldcreatie van het plichtwerk. Om te beginnen de solo’s van de fluit én de altfluit (dat is een soort van XL-fluit), beiden met enkele noten ‘Flatterzunge’ (een rrrrrrrrollende rrrrrrrrr die doorrrrrrrr de fluit geblazen worrrrrrdt). Let ook op de halve scheepslading slagwerk, nodig voor dit stuk. Paukenist Nico dient zich te bedienen van niet twee, niet drie, niet vier, niet vijf, niet zes, niet zeven, niet acht, maar wel liefst negen (!) pauken. Een bijzonder instrument bij het slagwerk is ook de ‘waterphone’: een soort futuristische fruitschaal die met een strijkstok wordt bespeeld en het geluid van een walvis diep in de zee nabootst. (We weten natuurlijk allemaal hoe een walvis diep in de zee klinkt!). Ook leuk: de koperblazers die de wind nabootsen in hun instrument bij het begin van de herfst én die paar seconden Johann Sebastian Bach op het einde van de zomer.
Straks trappen Maria en Lionel de finale af. De week afzondering in de muziekkapel zit er voor hen op. Ik denk dat zo'n periode zonder contact met de buitenwereld nu nog veel ingrijpender is dan een paar decennia geleden, toen er nog geen sprake was van smartphones, mobiel internet, sociale media, schermverslaving, digitaal welzijn, FOMO, etcetera … Er is voor de finalisten dus niet alleen het plichtwerk dat ze als een gek dienden in te studeren, maar er komt ook nog een verplichte digital detox bovenop.
Wij zijn erg benieuwd hoe de kandidaten uiteindelijk op Le Moment Suprême het ervan af zullen brengen. Het verleden heeft geleerd dat er niet altijd een duidelijke lijn te trekken valt tussen wat we op de repetities horen en wat er op het wedstrijdmoment gebeurt. Er zijn kandidaten die minder presteren door de gigantische stress en vaak ook door de warmte, maar er zijn er ook die boven zichzelf uitstijgen en vleugels krijgen op het moment van de waarheid. De Prokofiev waarmee pianist Denis Kozhukhin in 2010 won, was zo een moment. Ik herinner me dat zowel solist als orkest op dat moment quasi transcendeerden en in een hogere dimensie terechtkwamen. Benieuwd of we zoiets deze week ook zullen meemaken.
Het is een traditie in de orkestwereld dat de dirigent op het einde van de repetitie die voorafgaat aan het eerste concert nog even een laatste boodschap meegeeft aan het orkest. Antony Hermus bedankte daarin uitvoerig iedereen voor het harde werk en de tomeloze inzet. Hij eindigde met “Let’s not play six finals this week, but … let’s celebrate music!”
Ik schrijf u morgennamiddag!
(en ik lees graag uw reacties op de eerste finale-avond hieronder)
Bram